Jongens van Jan de Wit : de Herberg; wij zijn soldaatjes van de Vorst De Provoost. Wat wordt een burgermensch al niet gedupeerd! De onverwachte aankomst. Er zal wat vallen! De visschers. Ach! onze arme eenden De twee verlofgangers. Dag, Korpus Victor Moreau J.P. Reuther