Overjas, veldjas Veldtenue van grijs whipcord voor een sergeant (1912-1940), met goudgalon chevron met blauwe bies Overjas, veldjas Veldtenue van grijs whipcord gedragen door majoor Jonker (1912-1940), met de rangonderscheiding, ster en balk, op de kraag Boernoes van donkerblauw laken voor een Koninklijke Marine (1912-1940), met zeven infanterieknopen en drie sterren Jas Veldtenue Model 1912/23 van grijsgroen whipcord, voor een kapitein van het korps motordienst Infanterie (1937) bij de opbouwdienst (1940) Rond goudkleurig kraagembleem (''radicaal''), met klemmen, t.b.v. adjudant onderofficier (Nederland, 1912-1940) Jas Dagelijks Tenue Model 1912/23, van grijsgroene grove wol voor manschappen der infanterie, Nederlands (1940) Vijf zwart bronzen knopen, drie grote en twee kleine, met een granaat met gespreide vlam, opperofficier Koninklijke Landmacht [1912- 1940] Blauw-geel snoer voor trompet tbv Korps Rijdende Artillerie, 1912-1940 W-band van goudgalon tbv hoofofficier, 1912-1940 Gouden epauletten, links en rechtsdraaiend met goudkleurige knoop tbv uniform CT en LT voor Generaal van de Grenadiers of Generale staf, 1912-1940 Van grijsgroen naar camouflage" : de (gevechts-)kleding van de Koninklijke Landmacht 1912-2000 / M. Talens ; eindred. Heleen Bronder, Guus de Vries Nederlandse knopen (1912-1940) en petemblemen (1912-1916), met o.a. springende granaat, jachthoorn en Nederlandse leeuw